Coalitieakkoord: nieuwe Digitale Dienst moet regie pakken over overheids-ict

Coalitieakkoord: nieuwe Digitale Dienst moet regie pakken over overheids-ict

Het nieuwe kabinet neemt de digitale overheid fors onder handen met diverse grote plannen.

De digitalisering van de overheid krijgt een organisatorische impuls met de oprichting van een Nederlandse Digitale Dienst. Dat blijkt uit het coalitieakkoorddat vrijdag is gepresenteerd.

Digitale autonomie wordt voor het kabinet het leidende principe. De overheid kiest voor een Europese digitale infrastructuur en wil strategische afhankelijkheden in cloud, data en cruciale systemen doelgericht afbouwen. Grote IT-projecten worden opgesplitst, zodat meer Nederlandse en Europese mkb-bedrijven kunnen deelnemen aan aanbestedingen.

Ook het inkoopbeleid wordt aangescherpt. Digitale inkoop en aanbestedingen worden gestandaardiseerd en gecentraliseerd, met nadruk op security-by-design, zero-trust, soevereiniteit, open source en ketenveiligheid. De overheid wil haar marktmacht gebruiken om veilige standaarden af te dwingen en stelt rijksbrede minimumeisen vast voor cybersecurity. IT-projecten van meer dan vijf miljoen euro worden voortaan vooraf getoetst aan centrale IT-standaarden om voor financiering in aanmerking te komen.

Minder afhankelijk van externe IT’ers

Intern wil het kabinet de afhankelijkheid van externe IT-leveranciers verminderen door meer IT-talent in dienst te nemen bij het Rijk. Er komt een concurrerend salarispad voor IT-specialisten, om de overheid zo meer aantrekkelijk te maken als werkgever en ambtenaren worden geschoold in technologie en het gebruik van AI. Ook moet verantwoorde inzet van data en AI binnen de overheid mogelijk worden gemaakt.

Digitale techniek versterken

Naast de versterking van de digitale overheid zet het kabinet in op digitale techniek als drijvende kracht achter toekomstige economische groei. Digitale infrastructuur en sleuteltechnologieën moeten het verdienvermogen van morgen bepalen. Hoewel Nederland volgens het akkoord een sterke uitgangspositie heeft, verliest Europa terrein in de mondiale concurrentie, waardoor afhankelijkheden van de Verenigde Staten en China toenemen. Gerichte keuzes in opschaling, innovatie en randvoorwaarden zijn volgens het kabinet nodig om economische groei en de strategische positie van Nederland veilig te stellen.

Daarom wordt gewerkt aan een nationale aanpak voor digitale infrastructuur, gericht op kennis, onderzoek en innovatie, om nieuwe technologieën sneller van de grond te krijgen. Nederland moet koploper worden in digitale innovatie en sleuteltechnologieën. Het land wil niet langer uitsluitend fungeren als ‘pilotland’, maar ook als ‘opschaalland’ bij de ontwikkeling van technologieën zoals AI. Er wordt daarnaast ook gewerkt aan een herziening en vereenvoudiging van de AVG  in Europees verband en in de toepassing van de huidige AVG in Nederland.

Digitaal weerbare samenleving

Het kabinet stimuleert de bouw van een AI-fabriek in Noord-Nederland en van Europees-autonome datacentra. Daarnaast wordt gewerkt aan een digitaal weerbare samenleving via een ecosysteemaanpak, waarin onderwijs, bedrijfsleven en overheid samenwerken zodat iedereen de kansen van kunstmatige intelligentie kan benutten. Jongeren worden van kind tot student geschoold in cybersecurity- en digitale vaardigheden en publiek-private scholingstrajecten worden versterkt.

Publiek-private investeringen richten zich op toepassingen met economische en veiligheidswaarde, waaronder AI, cybersecurity, halfgeleiders, quantum en fotonica. De focus ligt daarbij op schaalbaarheid, productiviteit en adoptie in vitale sectoren. Nederland wil zijn positie in de halfgeleiderindustrie versterken en zet in op de bouw van een quantumcomputer in eigen land. Tegelijkertijd blijft het kabinet inzetten op het aantrekkelijk houden van Nederland voor innovatieve bedrijven door procedures voor digitale infrastructuur.