Tien Nederlandse gemeenten volgden moslims onterecht en krijgen AVG-boetes
Tien Nederlandse gemeenten krijgen AVG-boetes omdat ze moslimgemeenschappen volgden. Het gaat in totaal om 250.000 euro. Onder andere de gemeenten Tilburg en Eindhoven onderzochten moslims en islamitische instellingen zonder dat zij daarvan op de hoogte waren en zonder dat dit was toegestaan.
De AP deelt de boetes uit aan de gemeenten Delft, Ede, Eindhoven, Haarlemmermeer, Hilversum, Huizen, Gooise Meren, Tilburg, Veenendaal en Zoetermeer. Zij krijgen allemaal een boete van 25.000 euro. De AP heeft de boetebesluiten als brieven gestuurd aan de colleges van die gemeenten.
De gemeenten volgden tijdenlang islamistische gemeenschappen en de mensen die zich daarin bevonden. Dat gebeurde in het kader van onderzoek naar potentieel terrorisme. Vanuit de Nederlandse Rijksoverheid en de Nationale Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid werd er veel gevraagd van gemeenten om radicalisering op te sporen en te voorkomen. De AP hamert in haar boetebesluit veel op die verplichting vanuit de overheid en de NCTV en dat de onderzoeken ook werden betaald door geld van het Rijk, maar wijst ook op de verantwoordelijkheid van de gemeenten.
Zo gingen sommige gemeenten niet goed om met de gegevens. Die werden in sommige gevallen onbedoeld naar de NCTV gestuurd en veel gemeenten lichtten de betrokkenen niet in. “De AP besluit om handhavend op te treden tegen het college, omdat het college gelet op de hoeveelheid en de bijzondere aard van de verwerkte persoonsgegevens wist – of had moeten weten – dat de verwerking inbreuk maakt op het recht op de bescherming van persoonsgegevens”, schrijft de AP in een brief aan de gemeenten.
Boete voor data, niet voor onderzoek
Een belangrijk onderscheid om te maken, is dat de boetes niet worden uitgedeeld voor het doen van onderzoek. “Het onderzoek zelf valt buiten de scope van deze beschikking, omdat die verwerkingen meer dan vijf jaar geleden hebben plaatsgevonden met als gevolg dat de termijn om ook daarvoor een boete op te kunnen leggen inmiddels is verstreken.”
Daarentegen krijgen de gemeenten boetes vanwege de gegevens die ze in het onderzoek verzamelden. Daarbij werden bijvoorbeeld personen met naam genoemd, inclusief functies en geboortedata en vaak ook herkenbare foto’s. In sommige gevallen werden die gegevens gecombineerd met bijvoorbeeld strafrechtelijke gegevens, maar ook gegevens over de religieuze opvattingen van de betrokkenen. Bovendien werden die gegevens in sommige gevallen gedeeld met instanties of andere gemeenten, terwijl dat niet mocht.
Zeer gevoelige gegevens
De AP ziet meerdere overtredingen die tot de boetes leiden. In de eerste plaats hadden de gemeenten geen goede grondslag om de gegevens te verwerken. Dat lijkt opvallend, omdat een wettelijke verplichting vanuit het Rijk een grondslag kan zijn voor gegevensverwerking. Het gaat hier echter om de gegevens ín het onderzoek en niet het onderzoek in de eerste plaats.
Verder ging het om gevoelige gegevens, specifiek gegevens rondom religieuze overtuigingen. Onder de AVG zijn zulke gegevens ‘bijzondere persoonsgegevens’, waarvoor strengere regels gelden rond het verwerken. De gemeenten hadden geen uitzondering op het verwerkingsverbod voor die bijzondere persoonsgegevens. Sommige gemeenten stelden dat de gegevens beschikbaar waren uit openbare, online bronnen. Daarvoor kan een uitzonderingsgrond gelden, maar dat is lang niet voor alle gegevens het geval.
Een ander probleem is volgens de AP de manier waarop burgers werden onderzocht. In plaats van de islamitische gemeenschap te betrekken als partner in het onderzoek naar radicalisering, werden die vaak behandeld ‘als onderwerp van onderzoek in een veiligheidsframe’.
Uiteindelijk krijgen alle gemeenten dezelfde boete. Dat gebeurt voor drie AVG-overtredingen: die van artikel 5, artikel 6 en artikel 9 van de AVG.
Zware overtreding, maar verzachtende omstandigheden
Bij het vaststellen van de hoogte van de boete spelen verschillende verzachtende omstandigheden mee. De AP vindt de aanwezigheid van bijzondere persoonsgegevens ‘buitengewoon ernstig, maar constateert ook dat het gaat om een eenmalige situatie ten aanzien van een relatief beperkt aantal betrokkenen’. “De AP weegt zwaar dat de overtreding die aan de boete ten grondslag ligt, betrekkelijk kort heeft geduurd.”
Verder spelen de maatschappelijke omstandigheden een rol. “De AP weegt ook mee dat de overtredingen zich hebben afgespeeld in een complex politiek-bestuurlijk krachtenveld dat mede werd gevormd door de maatschappelijke onrust rond uitreizigers. Daarin is een dynamiek ontstaan waarin ook de politiek en Rijksoverheid een rol hebben gehad”, aldus de toezichthouder. Met andere woorden: gemeenten moesten plotseling een taak uitvoeren waarop ze niet waren voorbereid. De AP schrijft bijvoorbeeld ook: “Achteraf kan worden vastgesteld dat het college zich onvoldoende bewust is geweest van de eigen rol en verantwoordelijkheid.”
Gelijke monikken, gelijke kappen
Het is opvallend dat alle gemeenten dezelfde boete krijgen, terwijl er grote verschillen zitten in de manieren waarop de gemeenten met de gegevens omgingen. Zo hebben sommige gemeenten alle gegevens al verwijderd, maar andere nog niet. Ook stuurden sommige gemeenten de gegevens door naar andere instanties, maar niet allemaal deden ze dat. Verder reageerden gemeenten ook verschillend op de boetes. Sommigen waren het daar niet mee eens; anderen accepteren die deemoediger en zijn ook inmiddels met betrokkenen in gesprek gegaan.
De gemeenten kunnen overigens nog in beroep tegen de boetes. Het is verder niet de eerste keer dat de AP optreedt tegen een soortgelijk onderzoek. Vorig jaar kwam het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid ook onder vuur te liggen, nadat bleek dat het gegevens over moslimgemeenschappen had verzameld. SZW moest die data vorig jaar verwijderen, maar doet dat pas in 2026.
Bron: tweakers d.d. 5 februari 2026
Tien Nederlandse gemeenten krijgen AVG-boetes omdat ze moslimgemeenschappen volgden. Het gaat in totaal om 250.000 euro. Onder andere de gemeenten Tilburg en Eindhoven onderzochten moslims en islamitische instellingen zonder dat zij daarvan op de hoogte waren en zonder dat dit was toegestaan.
De AP deelt de boetes uit aan de gemeenten Delft, Ede, Eindhoven, Haarlemmermeer, Hilversum, Huizen, Gooise Meren, Tilburg, Veenendaal en Zoetermeer. Zij krijgen allemaal een boete van 25.000 euro. De AP heeft de boetebesluiten als brieven gestuurd aan de colleges van die gemeenten.
De gemeenten volgden tijdenlang islamistische gemeenschappen en de mensen die zich daarin bevonden. Dat gebeurde in het kader van onderzoek naar potentieel terrorisme. Vanuit de Nederlandse Rijksoverheid en de Nationale Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid werd er veel gevraagd van gemeenten om radicalisering op te sporen en te voorkomen. De AP hamert in haar boetebesluit veel op die verplichting vanuit de overheid en de NCTV en dat de onderzoeken ook werden betaald door geld van het Rijk, maar wijst ook op de verantwoordelijkheid van de gemeenten.
Zo gingen sommige gemeenten niet goed om met de gegevens. Die werden in sommige gevallen onbedoeld naar de NCTV gestuurd en veel gemeenten lichtten de betrokkenen niet in. “De AP besluit om handhavend op te treden tegen het college, omdat het college gelet op de hoeveelheid en de bijzondere aard van de verwerkte persoonsgegevens wist – of had moeten weten – dat de verwerking inbreuk maakt op het recht op de bescherming van persoonsgegevens”, schrijft de AP in een brief aan de gemeenten.
Boete voor data, niet voor onderzoek
Een belangrijk onderscheid om te maken, is dat de boetes niet worden uitgedeeld voor het doen van onderzoek. “Het onderzoek zelf valt buiten de scope van deze beschikking, omdat die verwerkingen meer dan vijf jaar geleden hebben plaatsgevonden met als gevolg dat de termijn om ook daarvoor een boete op te kunnen leggen inmiddels is verstreken.”
Daarentegen krijgen de gemeenten boetes vanwege de gegevens die ze in het onderzoek verzamelden. Daarbij werden bijvoorbeeld personen met naam genoemd, inclusief functies en geboortedata en vaak ook herkenbare foto’s. In sommige gevallen werden die gegevens gecombineerd met bijvoorbeeld strafrechtelijke gegevens, maar ook gegevens over de religieuze opvattingen van de betrokkenen. Bovendien werden die gegevens in sommige gevallen gedeeld met instanties of andere gemeenten, terwijl dat niet mocht.
Zeer gevoelige gegevens
De AP ziet meerdere overtredingen die tot de boetes leiden. In de eerste plaats hadden de gemeenten geen goede grondslag om de gegevens te verwerken. Dat lijkt opvallend, omdat een wettelijke verplichting vanuit het Rijk een grondslag kan zijn voor gegevensverwerking. Het gaat hier echter om de gegevens ín het onderzoek en niet het onderzoek in de eerste plaats.
Verder ging het om gevoelige gegevens, specifiek gegevens rondom religieuze overtuigingen. Onder de AVG zijn zulke gegevens ‘bijzondere persoonsgegevens’, waarvoor strengere regels gelden rond het verwerken. De gemeenten hadden geen uitzondering op het verwerkingsverbod voor die bijzondere persoonsgegevens. Sommige gemeenten stelden dat de gegevens beschikbaar waren uit openbare, online bronnen. Daarvoor kan een uitzonderingsgrond gelden, maar dat is lang niet voor alle gegevens het geval.
Een ander probleem is volgens de AP de manier waarop burgers werden onderzocht. In plaats van de islamitische gemeenschap te betrekken als partner in het onderzoek naar radicalisering, werden die vaak behandeld ‘als onderwerp van onderzoek in een veiligheidsframe’.
Uiteindelijk krijgen alle gemeenten dezelfde boete. Dat gebeurt voor drie AVG-overtredingen: die van artikel 5, artikel 6 en artikel 9 van de AVG.
Zware overtreding, maar verzachtende omstandigheden
Bij het vaststellen van de hoogte van de boete spelen verschillende verzachtende omstandigheden mee. De AP vindt de aanwezigheid van bijzondere persoonsgegevens ‘buitengewoon ernstig, maar constateert ook dat het gaat om een eenmalige situatie ten aanzien van een relatief beperkt aantal betrokkenen’. “De AP weegt zwaar dat de overtreding die aan de boete ten grondslag ligt, betrekkelijk kort heeft geduurd.”
Verder spelen de maatschappelijke omstandigheden een rol. “De AP weegt ook mee dat de overtredingen zich hebben afgespeeld in een complex politiek-bestuurlijk krachtenveld dat mede werd gevormd door de maatschappelijke onrust rond uitreizigers. Daarin is een dynamiek ontstaan waarin ook de politiek en Rijksoverheid een rol hebben gehad”, aldus de toezichthouder. Met andere woorden: gemeenten moesten plotseling een taak uitvoeren waarop ze niet waren voorbereid. De AP schrijft bijvoorbeeld ook: “Achteraf kan worden vastgesteld dat het college zich onvoldoende bewust is geweest van de eigen rol en verantwoordelijkheid.”
Gelijke monikken, gelijke kappen
Het is opvallend dat alle gemeenten dezelfde boete krijgen, terwijl er grote verschillen zitten in de manieren waarop de gemeenten met de gegevens omgingen. Zo hebben sommige gemeenten alle gegevens al verwijderd, maar andere nog niet. Ook stuurden sommige gemeenten de gegevens door naar andere instanties, maar niet allemaal deden ze dat. Verder reageerden gemeenten ook verschillend op de boetes. Sommigen waren het daar niet mee eens; anderen accepteren die deemoediger en zijn ook inmiddels met betrokkenen in gesprek gegaan.
De gemeenten kunnen overigens nog in beroep tegen de boetes. Het is verder niet de eerste keer dat de AP optreedt tegen een soortgelijk onderzoek. Vorig jaar kwam het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid ook onder vuur te liggen, nadat bleek dat het gegevens over moslimgemeenschappen had verzameld. SZW moest die data vorig jaar verwijderen, maar doet dat pas in 2026.
Bron: tweakers d.d. 5 februari 2026